Zuidwolde – Het gaat maar om
één ‘kombord’, maar Zuidwolde is sinds gisteren weer even Suthwalda. Woensdagmorgen
heeft burgemeester Inge Nieuwenhuizen een tijdelijk ‘kombord’ aan de
burgemeester Tonckensstraat onthuld.
Zuidwolde viert dit jaar dat
zij 750 jaar bestaat. De burgemeester onthulde het bord in aanwezigheid van
leden van de Stichting Zuidwolde 750. Op 30 april 1275 wordt het
dorp Suthwalda voor het eerst genoemd in een officieel document.
Daarom worden alle ‘komborden’ van Zuidwolde beplakt met een Suthwalda 750 jaar
sticker. Eind dit jaar worden deze stickers weer verwijderd.
De grove tiende
‘Op 30 april van dat jaar beleende Hendrik van Borculo, als Burggraaf
van Coevorden vertegenwoordiger van de landsheer, de bisschop van Utrecht,
Rudolf van Echten met het eeuwig recht om de grove en smalle tienden te heffen
op Echtenerefene (Koekange) en in Suthwalda. De grove tiende had betrekking op
graangewassen als rogge, haver en gerst, en boekweit, de smalle tiende werd
geheven op gewassen als peulvruchten, wortelen, knollen en hop.
De inning van deze belastingen gebeurde eerst in natura, waarbij de
tiendheer letterlijk een tiende deel van de oogst op de velden ging ophalen.
Later werd de inning verpacht en kon ook in geld worden betaald. De tienden
vormden een zware last. Toen de boeren van Steenbergen en Ten Arlo in de 17e
eeuw hun venen afgroeven, kochten zij van de eerste opbrengst van de turf de
tienden af. De inwoners van de andere buurschappen deden dat 100 jaar later.
Utrechtse bisschop
Waarom Hendrik van Borculo de Van Echtens het recht gaf om tienden te
heffen in Suthwalda is onbekend. Verondersteld wordt dat de Utrechtse bisschop
zijn gezag in deze streek wilde versterken. De Heren van Ruinen, die van de
bisschop van Utrecht onder andere zeven hoeven in Suthwalda in leen hadden
gekregen, zouden zich weinig meer van het oppergezag van de bisschop hebben
aangetrokken. Door de Van Echtens meer aan zich te binden, zou dan de macht en
invloed van de heren Van Ruinen ingeperkt kunnen worden. Vanuit Ruinen gezien
zou het dan gaan om Suthwalda’.