Zuidwolde - Het college van B en W van De Wolden heeft, om ook in de toekomst zorgvuldig en duidelijk met subsidiegeld om te kunnen gaan, een afwegingskader opgesteld. De gemeenteraad neemt hierover op 24 september een besluit.
De gemeente De Wolden ondersteunt met subsidies veel activiteiten en voorzieningen in de dorpen. Denk aan bibliotheken, zwembaden, muziekverenigingen, dorpshuizen, sportvelden en initiatieven van inwoners. De Wolden verstrekt jaarlijks honderden subsidies. Samen gaat het om ruim 10 miljoen euro. Een deel daarvan is geld van het Rijk dat de gemeente doorgeeft aan inwoners, bijvoorbeeld voor woningisolatie.
Wethouder Rudi Hooch Antink: “Met subsidies maken we veel waardevolle activiteiten en voorzieningen in onze dorpen mogelijk. We willen dat dit geld terechtkomt waar het nodig is en waar het bijdraagt aan onze doelen. Daarom zorgen we eerst voor duidelijke en gelijke uitgangspunten. Als daarna inhoudelijke keuzes nodig zijn, maken we die zorgvuldig en samen met de betrokken verenigingen en organisaties.”
Op dezelfde manier
Met het afwegingskader gaat de gemeente alle bestaande subsidies en subsidieregelingen op dezelfde manier bekijken. Daarbij wordt onder meer beoordeeld of de subsidie bijdraagt aan de doelen van de gemeente, of het geld het gewenste resultaat oplevert, of de kosten in verhouding staan tot het resultaat, of de subsidie voldoet aan de regels en of de regeling duidelijk en uitvoerbaar is.
Het doel is om subsidies zorgvuldig, eerlijk en volgens duidelijke regels te verstrekken. Ook wil de gemeente de aanvraag en afhandeling eenvoudig en overzichtelijk maken voor inwoners en organisaties.
De vaststelling van het afwegingskader heeft nu geen gevolgen voor organisaties die subsidie ontvangen. Eerst brengt de gemeente eind 2026 alle subsidies en regelingen in beeld. Begin 2027 ontvangt de gemeenteraad de uitkomsten en aanbevelingen.
Daarna volgt per beleidsterrein een inhoudelijke herijking. De gemeente betrekt verenigingen, organisaties en inwoners hierbij. Als er wijzigingen nodig zijn, worden die pas in 2028 of 2029 ingevoerd. Daarbij wordt rekening gehouden met een redelijke overgangstermijn.